Opvoedingsproject
Ontstaan van de school
Het ontstaan van onze school is verbonden met de komst van Zusters Apostolinen naar Tielt in 1839. Vanuit hun christelijke bewogenheid wilden zij onderwijs aanbieden aan de kansarmen. In hun opvoedingsproject zien we volgende pijlers:
- aandacht voor eigentijdse noden,
- zorg voor anderen, vooral voor de zwaksten,
- doorgeven van de evangelische waarden.
In 1954 nam de congregatie van de Zusters van Maria van Pittem de zorg voor onze school over. De zusters zijn nog actief in het bestuur van de school betrokken; zij behartigen het beleid en de huisvesting.
Kwalitatief hoogstaand onderwijs
Zoals elke school staat een katholieke school in dienst van de samenleving. Daarom is haar eerste doelstelling kwalitatief hoogstaand onderwijs verstrekken. Zo is zij een dienst aan de leerling, aan de gemeenschap en aan de Kerk, de gemeenschap van de gelovigen. Bijzondere aandacht voor de eigentijdse noden van jongeren is voor haar een blijvende oproep.
Persoonlijke bezorgdheid en liefde voor iedere jonge mens
Bij deze doelstelling zijn deskundigheid, authenticiteit en enthousiasme onontbeerlijk. Daarom roepen wij alle medewerkers in onze scholen op om deze verantwoordelijkheid elke dag opnieuw met realiteitszin en creativiteit op te nemen, vanuit een persoonlijke bezorgdheid en liefde voor iedere jonge mens. Zij hebben recht op een degelijke algemene vorming en een aangepaste begeleiding in hun persoonlijke groei en op hun eigen specifieke levensweg.
Een klimaat vol eerbied voor de identiteit van elke mens
Dit houdt ondermeer in dat er op school werk gemaakt wordt van een klimaat vol eerbied voor de identiteit van elke mens. Ieder mens is uniek! De vakbekwaamheid, liefde voor de waarheid en het enthousiasme van de leerkrachten legt de kiem bij de leerlingen om op hun beurt de waarde ervan te gaan ontdekken. Het aansluiten bij hun ervaringen en hun mogelijkheden is uiterst belangrijk. De manier van lesgeven en de wijze waarop men leerlingen nabij is op de speelplaats of in andere contacten, de wijze waarop men over hen spreekt in klassenraden of lerarenkamer is bepalend.
Persoonsbevorderende nabijheid
Het is een uitdaging voor de leerkrachten en voor de klassenleraar in het bijzonder, om met elke leerling een echte relatie op te bouwen. Leerling en ouders verwachten een persoonsbevorderende nabijheid. Daartoe zal al wie te maken heeft met het leven op school aan opvoeding en vorming doen.
Bevestiging
Wij onderstrepen hier het belang van bevestiging van de jongeren maar ook van het personeel. Dit vraagt aanvaarding van de unieke persoon, waarbij men vertrekt vanuit zijn ervaringen en (eventueel andere) visie.
Opbouwende relaties
Een klimaat van eerbied groeit vanuit actieve en affectieve nabijheid, vanuit opbouwende relaties, ook met de ouders, met de beleidsverantwoordelijken en met allen die met het schoolleven te maken hebben. Zo worden fundamenten gelegd voor kwaliteit van leven. Elke inzet voor de schoolgemeenschap roept mensen op om het beste van zichzelf te geven, zowel in directieraad, inrichtende macht, ouderraad, participatieraad en andere raden.
Dialoog en overleg in wederzijds vertrouwen
Dialoog en overleg in wederzijds vertrouwen zijn de beste hulp bij de vragen die rijzen i.v.m. de mogelijkheden van elke leerling afzonderlijk, bij de keuze van de studierichting en bij de studiebegeleiding. Dialoog, doorzicht en overleg zijn essentieel voor een goede verstandhouding tussen jongeren en volwassenen.
Groeiende deskundigheid
De grote uitdaging van heel het onderwijsgebeuren vraagt veel van alle betrokkenen. Kwaliteit vraagt groeiende deskundigheid voor de verdere uitbouw van een maatschappijbetrokken onderwijs. Wij stellen daarom dat in onze tijd nascholing en begeleiding onontbeerlijke hulpmiddelen zijn. Nascholing is een heel concrete vorm van dienst aan de naaste.
Toekomst vraagt openheid
Met jonge mensen bouwen aan de toekomst vraagt openheid. In trouw aan de oorsprong beklemtonen wij een gelovige openheid, open op het eigen ik, op de andere, op de wereld, open op God. Wat de religieuze achtergrond van de leerlingen betreft wordt geen onderscheid gemaakt. Wel willen wij ons met alle medewerkers inzetten voor hun groei vanuit de evangelische en ethische waarden.
Evangelie: hoopvolle boodschap
Wij geloven niet in indoctrinatie, maar in de vormende kracht van het evangelie. Die hoopvolle boodschap krijgt maximale kansen wanneer iedereen meewerkt aan een klimaat van medemenselijkheid, eerbied voor elke persoon en wederzijds vertrouwen, wanneer de levenservaringen van de jongeren en van de volwassenen ernstig genomen worden. Grenzen worden verlegd wanneer men komt tot het delen en doorlichten van eigen ervaringen.
Levensnabije pastoraal op school
Dit alles is de enige goede basis voor een degelijke werking van de pastoraal op school. Overleg en actieve medewerking, ook van leerlingen, is een noodzaak voor een levensnabije pastoraal. Het is ook belangrijk te zoeken naar momenten van verdieping van het eigen geloofsleven. Binnen de school worden deze uitdrukkelijk beleefd en gevierd in de eucharistie, verzoenings- en gebedsmomenten. Tevens wordt iedereen opgeroepen om deel te nemen aan verdiepingsmomenten buiten de school.
Oog voor eigentijdse noden
In de 19e eeuw hadden de eerste zusters van onze congregatie oog voor de grote materiële noden van hun tijd. In onze huidige maatschappij zijn de noden eerder van geestelijke aard. Wij ervaren die noden in de levensgrote 'zin'-vragen van de jongeren, in de vele vragen die het multiculturele samenleven oproept en in de angst voor de toekomst. Dikwijls komt de nood aan een diepere dimensie van het leven naar boven zonder dat men er zich bewust van is. Hoe kan men aan die nood tegemoet komen? Wie brengt ons samen met de jongeren op het juiste spoor in het zoeken naar antwoorden?
In Zijn voetspoor ...
Bij het zoeken naar antwoorden komen we Jezus op het spoor: de Weg, de Waarheid en het Leven. In die gezindheid brengen we Hem ter sprake in woord en daad.